Voorrangsregels

De standaardvoorrangs- en toewijzingsregels

a. De rationele bezetting van de woning :

Met “rationele bezetting” wordt bedoeld : de passende bezetting van een woning, waarbij rekening wordt gehouden met het aantal personen en de fysieke toestand van deze personen.

De rationele bezettingsgraad is per woongelegenheid door de Brugse Maatschappij voor Huisvesting vastgelegd, de lijst kan je bekijken in het aanvraagformulier.

Bij de inschrijving van de kandidaat-huurders wordt je verteld welke types van woningen aangepast zijn aan jouw gezinssituatie. Als een kandidaat zich toch voor een grotere woning wil inschrijven, dan kan dat, maar de kandidaat moet er dan rekening mee houden dat hij enkel bij uitputting van kandidaten met aangepaste bezetting in aanmerking kan komen.

Bij de beoordeling van de rationele bezetting zal de Brugse maatschappij voor Huisvesting rekening houden met de kinderen die geplaatst zijn en/of bij wie de kandidaat-huurder een bezoekrecht of co-ouderschap uitoefent en die dus niet permanent in de woning zullen verblijven. In geval er sprake is van bezoekrecht, wordt bij voorkeur een appartement toegewezen i.p.v. een woning, voor zover dit overeenstemt met de keuze van de kandidaat-huurder qua ligging en type van de woning.

b. De absolute voorrangsregels :

De absolute voorrangsregels moeten achtereenvolgens toegepast worden.

Het betreft achtereenvolgens de kandidaat-huurder :

1. die minstens 55 jaar oud is (ook een gezinslid) of die zelf een bepaalde handicap heeft of van wie een gezinslid erdoor getroffen is, uitsluitend als de beschikbare woning door de daarop gerichte investeringen specifiek is aangepast aan de huisvesting van ouderen of aan de huisvesting van een gezin waarvan één of meerdere leden getroffen zijn door een handicap;

1bis. die benadeeld wordt geacht door de verhuurder door de toewijzing van een andere woning of die onterecht geweigerd is of wanneer er binnen de 30 dagen na ontvangst van de beoordeling van de toezichthouder geen beslissing werd betekend (art 30 van het BVR, 4e lid);

2. die reeds in een sociale woongelegenheid woont van de Brugse Maatschappij voor Huisvesting en die opnieuw gehuisvest moet worden;

3. die reeds een sociale woning bewoont van dezelfde verhuurder en die niet voldoet aan de rationele bezettingsnorm;

4. van wie de gezinshereniging nog niet heeft plaatsgevonden;

5. die woont in een onroerend goed, dat door de wooninspecteur werd vastgesteld als niet hoofdzakelijk bestemd voor wonen;

6. die woont in een woning die onbewoonbaar werd verklaard overeenkomstig artikel 135 van de Nieuwe Gemeentewet, en waarvan de ontruiming noodzakelijk was;

6bis. die woont in een woning die ongeschikt of onbewoonbaar werd verklaard overeenkomstig artikel 15 VWC, of onderzocht door de wooninspecteur, voor zover de woning minstens drie gebreken van categorie III in verband met stabiliteit en vocht of minstens twee gebreken van categorie III in verband met stabiliteit en vocht en een gebrek van categorie IV heeft volgens het technisch verslag;

7. die woont in een woning op de datum waarop die het voorwerp is van een onteigeningsbesluit.

In de gevallen, vermeld in 5, 6 en 7, moet de woning die aanleiding geeft tot de voorrang in dezelfde gemeente gelegen zijn als de woning die toegewezen wordt. Dit om de gemeente maximaal te responsabiliseren en haar aan te moedigen haar centrale rol als regisseur van het woonbeleid voluit op te nemen.

Om in aanmerking te komen voor de in 5 tot 8 vermelde voorrang moet de kandidaat-huurder de woning sedert ten minste zes maanden bewoond hebben en zich binnen maximaal twee maanden na de beslissing van de wooninspecteur, de datum van onbewoonbaar- of ongeschiktverklaring of de datum van het onteigeningsbesluit, ingeschreven hebben als kandidaat-huurder. De woning kan slechts eenmaal aanleiding geven tot die voorrang.

c. Belangrijke extra voorrangsregels (die slechts toegepast worden na de voorrangsregels onder b.) :

Er wordt achtereenvolgens voorrang gegeven aan de kandidaat-huurder

1° die in de periode van 6 jaar voor de toewijzing minstens 3 jaar inwoner is of geweest is van Brugge;

2° die geen huurovereenkomst van onbepaalde duur heeft met een sociale huisvestingsmaatschappij.

Gezien er op de wachtlijst van de Brugse Maatschappij voor Huisvesting in de praktijk steeds kandidaten op de wachtlijst staan, die aan deze voorrangsregels voldoen, betekent dit in de praktijk dat kandidaten die hier niet aan voldoen in de praktijk geen toewijzing zullen krijgen. Vandaar dat het ZEER BELANGRIJK is zich ook in te schrijven voor woningen in de gemeente waar men woont.

Voorbeeld: Verhuist men uit Brugge naar Beernem, schrijf u dan bij de sociale huisvestingsmaatschappij Vivendo ook in voor sociale huurwoningen in Beernem. Dan maakt u daar over (minstens) 3 jaar kans op een sociale huurwoning. In Brugge zal u dan over 3 jaar immers praktisch geen kans meer maken.

Extra tip: Schrijf u bij voorkeur ook in bij de sociale huisvestingsmaatschappijen, die actief zijn in werkgebieden waar u ooit zou kunnen gaan wonen in de toekomst. Zo is Vivendo bv. ook actief in 14 gemeenten rond Brugge. De datum van inschrijving op de wachtlijst kan immers van groot belang zijn, wanneer u ooit in een andere gemeente gaat wonen.

Aarzel niet ons te contacteren op het telefoonnummer van onze Dienst Verhuur 050/31.76.58 als u daarover vragen hebt.

d. De chronologische volgorde van de inschrijvingen in het inschrijvingsregister :

Aangezien de Brugse Maatschappij voor Huisvesting woongelegenheden heeft in verschillende deelgemeenten van Brugge, gebeurt de toewijzing van een vrijkomende of nieuwe huurwoning op basis van een “deellijst”. De kandidaat-huurder kan zelf bepalen voor welke deelgemeente en wijk hij kandidaat wenst te zijn.

De als “bejaardenwoning” gebouwde woningen worden via een doelgroepenplan bij voorrang verhuurd aan mensen ouder dan 60 jaar.

Bij de toewijzing van de afzonderlijke garages of plaatsen in ondergrondse garages wordt voorrang gegeven aan de zittende huurders van de wijk waar de garages gelegen zijn, dit volgens chronologische volgorde van aanvraag. Bij ontbreken van dergelijke aanvragen wordt er ook toegewezen aan niet-huurders uit de wijk, eveneens volgens chronologische volgorde van aanvraag.

Afwijkingen

De verhuurder kan aan een kandidaat-huurder versneld een woning toewijzen door af te wijken van de toewijzingsregels.

De beslissing om versneld een woning toe te wijzen, moet gebaseerd zijn op bijzondere en uitzonderlijke omstandigheden van sociale aard.

De toezichthouder oefent het toezicht uit op het versneld toewijzen.

Beoordeling toezichthouder :

Voor de hierna vermelde beslissingen van de verhuurder kan de kandidaat-huurder of huurder die zich benadeeld acht door die beslissing, met een aangetekende en gemotiveerde brief een beoordeling vragen van de toezichthouder:

  • de beslissing met betrekking tot de toewijzing van een woning;
  • de beslissing om geen afwijking toe te staan of een versnelde toewijzing;
  • de beslissing om de kandidaat-huurder te schrappen uit het register;
  • de beslissing om de kandidaat-huurder te weigeren;
  • de beslissing om een persoon die zich wil inschrijven niet in te schrijven;
  • de beslissing om de voorkeur van de kandidaat-huurder te weigeren.